 | Cyanotypie werd in 1842 door Sir John Herschel
uitgevonden en behoort tot de zogenaamde “ijzerprocédés”. Het is één van de
oudste werkbare fotografische processen. In de loop van de tijd zijn er
onnoemelijk veel varianten op de oorspronkelijke formule van Herschel
gepubliceerd, het oorspronkelijke “blauwdrukken” van bouwtekeningen is
aanverwant aan deze techniek. Voor het allereerste boek dat met foto’s (in feite
fotogrammen) werd geïllustreerd (British Algae door Anna Atkins, 1843) werden
cyanotypies gebruikt, sommigen zijn nog steeds bewaard gebleven. Vandaag kent
de cyanotypie, net als andere “edele procédés”, een ware opleving. Deze prints
onderscheiden zich van traditionele foto’s omdat de keuze van het gebruikte
papier een zekere “textuur” aan het werk meegeeft en het beeld rechtstreeks op
en in het papier zit, geen sprake van de plastic look die de hedendaagse foto’s
zo tekenen. Aangezien elke druk één voor één en met de hand dient afgewerkt te
worden kunnen geen volledig gelijke reeksen prints gemaakt worden en is in
principe elke afdruk uniek alhoewel van hetzelfde negatief kan gewerkt worden.
Alle hier afgebeelde werken werden op de klassieke wijze afgedrukt en dat ze
bijzonder permanent zijn bewijzen de foto’s van Atkins die, na meer dan 160
jaar, nog steeds te bekijken zijn in musea te Londen. De cyanotypie kan enkel via een contactafdruk tot
stand komen waardoor een negatief op werkelijke grootte noodzakelijk is. Dit
negatief kan verkregen worden door op ware grootte te fotograferen of door een
kleiner negatief (of positief) te vergroten, traditioneel of digitaal. Een
goede kwaliteit aquarel papier wordt, blad per blad, met de hand ingestreken
met een oplossing van de nodige ijzerzouten. Na droging is dit papier zeer zwak
lichtgevoelig. Door belichting met sterk ultraviolet licht reageren de aanwezige
chemicaliën en vormen het zeer stabiele ijzerprussiaat (beter gekend als
Pruisisch Blauw), dat door zijn diepe blauw-groen kleur (cyaan) aanleiding heeft
gegeven tot de naam “cyanotypie”. Na de belichting is het voldoende om de druk
in water te spoelen om het overschot aan chemicaliën op het papier weg te wassen
zodat enkel het beeld, bestaande uit onoplosbaar Pruisisch Blauw, achterblijft.
Door nabehandeling kan de oorspronkelijke cyaankleur meer naar grijsblauwe of
zelfs bruine kleuren verschoven worden.
|
| Cyanotype, invented in 1842 by Sir John Herschel, has
long been known as the “blueprint”. As one of the earliest workable photographic
processes quite a number of variants of the original formula have been
published. In her 1843 book “British Algae”, Anna Atkins used cyanotype
photograms for the first time as “photographic” illustrations. Today the
cyanotype process, as well as other “alternative ” photographic processes, knows
a world-wide revival. As the image sits “in” - rather than on - the paper, the
cyanotype has a texture that is quite distinctive from today’s plastic look of
traditional photographs. The prints have to be finished by hand one at a
time so every single one can be considered unique
although several prints can be made from the same negative. All the prints that
are offered here were finished using the classic formulae. That the permanence
of these prints is exceptionally good can be judged from the fact that Anna
Atkins’ original cyanotype photograms remain today, after 160 years, in an
excellent condition.A light-sensitive mixture, consisting of a solution
of two ferric salts, is applied to the paper. After drying this coated paper
becomes weakly sensitive to light. Due to the very low sensitivity to visible
light of a cyanotype emulsion a large negative has to be used that is
contact-printed with the negative under strong ultraviolet light
(daylight/sun/special UV bulbs). This large format negative may be obtained
through photographing directly with a large format camera or by enlarging
smaller negatives or positives in the darkroom or
digitally. During
the exposure to ultraviolet light the image is formed by converting the
chemicals into a very stable ferrous state and al that remains is to rinse the
excess of the chemicals out of the paper. The colour of the remaining “Prussian
blue” salt gave the cyanotype print its name. To some degree this cyan-blue
colour can be converted to greyish or brown tones through toning. |